De wisseldag

We hebben een kleine aanpassing doorgevoerd in ons wekelijkse ritme en dat is voor iedereen wennen. Elke donderdag zijn de rollen omgedraaid: manlief is thuis en ik beman het kantoor. Gewend aan een omgekeerde stand van zaken, moet iedereen hierin zijn draai een beetje vinden. Manlief moet soms ook eens een was omzetten of de rugtassen uitpakken; ik moet het wekkertje dat om 14 uur in mijn hoofd gaat (dames halen!!) negeren en erop vertrouwen dat thuis alles van een leien dakje gaat. En meestal is dat ook zo. Afgelopen week ging het wel even iets minder soepel. Onze grote bakkoningin besloot gezonde koeken voor mij te maken. Uit het oog is in ons huishouden juist niet uit het hart, zullen we maar zeggen. En hoe beter kan je je moeder laten merken dat je haar graag ziet, dan iets lekkers voor haar te maken? De bakkoningin ging lekker aan de slag, al was het even wennen dat ze dit keer zonder mij zich moest redden. Meestal werkt ze aardig zelfstandig, maar soms moet ze even bij de les gehouden worden. Ik ken mijn pappenheimers. Manlief echter, heeft daar iets minder geduld in. En is er iets minder scherp in. Toen de bakkoningin hem vertelde de oven voor te warmen op 250 graden, ging er dan ook geen enkele alarmbel af bij hem. Keurig zette hij het klaar en schoof hij de baksels toen ze zover waren erin. Nog altijd zonder argwaan en zonder check van het recept. Bakkoningin tevreden, papa tevreden. Ze verkneukelden zich al over hoe tevreden ik zou zijn met het eindresultaat. Speciaal om mij te helpen de winterkilo’s weer achter me te laten, was al het suiker vervangen door honing. De bakkoningin zag mij stante pede kilo’s lichter worden, als ware de koekjes een wondermiddel om deze eraf te laten vliegen. Geheel tevreden dus schoof zij achter een scherm en besloot manlief even in rust op de wc te gaan zitten. Beide activiteiten kunnen tijdrovend zijn in ons huishouden. Beiden compleet in hun eigen zenmodus was er niemand meer die op de oven lette. Tot er paniek uitbrak, want zo signaleerde de bakkoningin, het rook wat vreemd. En zo zag ze, toen ze zich eindelijk losrukte van het scherm, de halve woonkamer stond blauw. Manlief moest de paniek nog even waarde schatten: ‘ze roepen altijd zoveel, zal wel een beetje meevallen’. Niet dus. Ping, ging mijn telefoon op kantoor. In beeld een woonkamer vol rook. ‘Het komt goed’, hield ik mezelf voor. Ik moest het loslaten, toch? Het kostte manlief de rest van de middag om die oven enigszins schoon te krijgen. Toen ik thuiskwam stond hij verhit het zoveelste schuursponsje stuk te poetsen. Op de bank zaten de dames gehuld in drie lagen kleding. De deuren stonden wijd open, maar de geur was penetrant aanwezig. We hebben nog dagen ‘plezier’ gehad van dit grapje. ‘Maar ze leert er wel veel van’, hielden we de bakkoningin hoog. Ben benieuwd wat de volgende donderdag in petto heeft.



