Zwaar leven

Soms kan het leven al te zwaar zijn. Vooral als je puber bent, is het simpelweg uit bed komen, soms al een hele opgave. Laat staan dat je dan ook nog je moet aankleden, ontbijten en naar school moet. In het geval van oudste dochterlief betekent dat 14 kilometer fietsen; een keus die ze zelf gemaakt heeft, zoals wij haar dan bij het gezucht en gesteun fijntjes herinneren. Desondanks gaat het allemaal niet van de vlotte. Menig ochtend kijk ik even de andere kant op, want alles op het laatste moment doen, is niet per se mijn ding en de plaatsvervangende stress die ik krijg van haar slowmotionaanpak helpt niks. Gelukkig moet ze vaak later de deur uit dan ik en haar zusjes en krijgen wij niks meer mee van de ‘ik-stap-op-het-allerlaatste-moment-de-deur-uit-modus’. Tot er paniek is, want als je dus zó laat de deur uitgaat dat je eigenlijk al te laat bent, dan kan je het niet lijden dat je je fietssleutel binnen laat liggen. Het is wennen, zo’n middelbare, maar ga er ook maar eens aanstaan. Ook onze jongste dames kunnen ook goed klagen en zuchten in deze tijd van het jaar. Het is net als andere jaren veel in december. Eigenlijk begint het altijd bij Sint Maarten, waarna direct de Goedheiligman ons land binnenrijdt en we via surprises naar pakjesavond, tussendoor nog een kerstshow van het dansen meepakken, een verjaardag vieren en zomaar ineens ons op moeten maken voor het kerstdiner op school. Elke basisschoolouder herkent dit waarschijnlijk: het klaarmaken van een – al niet toegewezen of uitgekozen – gerecht en dat vervoeren naar school op het moment suprême, waarbij ook de kids er door een ringetje te halen uit moeten zien, zich steevast te vol eten en als ze weer opgehaald moeten worden niet meer te genieten zijn; het is uitdagend. Uitdagend is het ook om ons drietal in deze tijden – maar ook wel eens anders – schoon te houden. Op de één of andere manier is het douchen een imménse klus waar iedereen, maar vooral de puber, een hartgrondige hekel aan heeft. De jongste ruilen zo’n moment nog weleens in voor een warm bad, waar ze dan wonderlijk genoeg ook weer niet uit willen komen. De puber echter, heeft overal een broertje dood aan. Op ons gezucht dat ‘je toch niet wil stinken’, haalt ze simpelweg haar schouders op. ‘Ik gebruik toch deo?’ Nou gelukkig maar, inderdaad. Hij is inmiddels weer aangebroken hoor, de week waarin alles tezamenkomt, van laatste sporttrainingen tot kerstvieringen en dus dat gevreesde kerstdiner. Dit keer bakken we pannenkoeken en maken we smoothies en fruitspiezen (vraag me niet waarom, want niemand gaat iets gezonds aanraken). Dit is ook de week van de dikste kranten van het jaar en alle klusjes die nog klaar moeten voor 2026 aanbreekt. En wiens gebeden zijn verhoord? Niet die van de moeder die al worstelt om het voor elkaar te boksen. Nee, die van die kinderen met een hekel aan de douche. De ketel zei: ik doe het niet meer, dus schoon worden zit er voor ons even niet in. Kan er ook nog wel bij.



