De eerste weken op de middelbare school

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
Maria’s Mooie Mensen maria's mooie mensen

Oudste dochterlief heeft haar eerste weken op de middelbare school erop zitten. Een heel nieuwe wereld waar ze in gestapt is en zoals verwacht, prima in functioneert. Al zijn die eerste stappen heus wel uitdagend. Vol vragen en nieuwigheden ook: zoals elk uur een andere klas en andere leraar. Het leek haar handiger dat zij en haar klasgenoten niet meer door dat grote gebouw hoefden te bewegen, maar dat de leraren zouden wisselen van lokaal. Of dat niet even anders kon? Eenmaal een paar weken op weg, blijkt dat gebouw nog steeds wel groot, maar wel steeds bekender en staat ze tot nu toe nog steeds bij het juiste lokaal. De eerste tussenuren zitten erop en alle vakken worden bekender. Ze telt al in het Frans, ontdekt bij biologie dat het bloederige niet echt haar ding is en heeft al een eerste cijfer. Voor tekenen, en het feit dat het een 8 min is, stemt haar zeer tevreden. Het feit dat er überhaupt een cijfer in haar persoonlijke app verscheen, was al reden voor enthousiasme. Ook het eerste huiswerk is met blijdschap ontvangen. Ze kende een rustige start van dit schooljaar en moest wel erg lang wachten op de kans om ook thuis aan de slag te gaan. En daar had ze nou juist zo’n zin in. Het opstaan wat minder, maar deze geluksvogel begint maar één keer in de week op het eerste uur. Alle andere dagen hoeft ze pas om 9.20 uur in de klas te zitten. En dus gaat ze ineens ook later de deur uit dan ons; ook zoiets. Er was al even paniek toen ze in de eerste week haar accu van de fiets er op geen enkele mogelijkheid in kreeg. Gelukkig zijn wij altijd dichtbij en stond manlief binnen vijf minuten naast haar om haar op weg te helpen. We concludeerden toen wel dat op het állerlaatste moment de deur uitstappen, niet heel handig is. Het is allemaal wennen, van het inpakken van de tas tot aan het elke dag 14 kilometer heen en terug fietsen. Op vrijdag zien we dat het zijn tol vraagt. De kleur trekt langzaam uit haar gezicht en afgelopen week dook ze een warm bad in en kwam er verder weinig meer uit. Ze reist daarom ook geregeld een keertje met de bus. Ook weer een nieuwe uitdaging waarbij ze zelf in- en uit moet checken, maar nog belangrijker: op het juiste moment op het knopje moet drukken. Dat ging vorige week al even mis. Zonder hulplijn in te roepen, liep ze met zware boekentas het stuk weer terug naar haar fiets. Zelfredzaamheid een dikke plus dus. Trots vertellen we haar geregeld dat ze het goed doet. Dat vindt ze dan zelf ook wel, maar dat mag. Het ‘stadse’ leven is wel wennen, al geeft dat wel de nodige prikkels waar ze goed op gaat. De mentaliteit van de kinderen die hier opgroeien is wel duidelijk anders. Tot nu toe bekijkt ze dat met verwondering. En, zo zei ze me afgelopen weekend, ze is wel gestopt met groeten. ‘Ik zeg geen hallo meer op straat. Die mensen groeten gewoon niet terug.’

UIT DE KRANT