Stichting Mien Westerkwartier krijgt gemeentelijke subsidie voor nieuw streektaalproject

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
actueel

TOLBERT - De Stichting Mien Westerkwartier houdt zich al jarenlang bezig met het bevorderen en stimuleren van het gebruik van het Westerkwartiers. Dit doet ze samen met de vertellers van Kom Op Verhoal. Ze vroegen daarom subsidie aan voor het project: ‘Westerkwartiers veur elkeneen’. ‘Met dit project willen we ervoor zorgen dat kinderen, maar ook ouderen in aanraking komen met de streektaal van het gebied waar ze zijn opgegroeid en misschien wel blijven wonen’, zegt Hennie van der Laan, één van de initiatiefnemers van het plan en bestuurslid van Mien Westerkwartier.

‘Hoe kunnen we het Westerkwartiers promoten binnen de gemeente?’: met die vraag gingen initiatiefnemers Van der Laan, Jan Hut en Aafke Hoek aan de slag. Eén van de aanleiding daarvan was onder andere de Meertmoand Dialectmoand (maart dialectmaand). Het team van Mien Westerkwartier gaat namelijk al enkele jaren langs basisscholen om in de streektaal te vertellen aan kinderen. Dat moet niet worden verward met voorlezen, zegt Van der Laan. ‘Tijdens het voorlezen, kijk je de kinderen niet aan. Je zit met je neus in het boek. Daarom kiezen wij voor vertellen: met verschillende stemmetjes en zoveel mogelijk contact met de leerlingen, krijg je veel meer interactie. Het is eigenlijk een kleine theatervoorstelling.’ 

Stichting Mien Westerkwartier is al sinds 2007 bezig met het behoud van de streektaal. Naast de vertelmiddagen op de basisschool, proberen ze jaarlijks een schrijfwedstrijd te organiseren, schrijven vier leden wekelijks een ‘Ik Proat Plat’ in de Streekkrant, worden er vertelvoorstellingen gemaakt en zijn er boeken verschenen. Toch wilden ze meer gaan doen. De stichting deed daarom een subsidieaanvraag voor het project ‘Westerkwartiers veur elkeneen, wat met open armen werd ontvangen door de gemeente Westerkwartier. Met dit start bedrag van €3000 euro willen ze de streektaal gaan promoten op basisscholen, bso’s en kinderdagverblijven. ‘We zijn nu druk bezig met de voorbereidingen van onze plannen’, begint Van der Laan. ‘We willen bijvoorbeeld duurzame leskisten gaan maken die gebruikt kunnen worden op school. Zo maken we een begin voor iets wat jarenlang gebruikt kan worden. Daarnaast willen we graag een ‘platproater’ op elke school zien. Dat is iemand die het Westerkwartiers beheerst en het kan overbrengen aan de leerlingen. Dat kan een leerkracht op de school zijn, maar ook een enthousiaste ouder. Zo wordt onze eigen streektaal op elke school gepromoot.’ 

Daarnaast willen ze een ‘kienderwoordenboekje’ realiseren en het maken van kinderboeken met verhalen, liedjes en rijmpjes in het Westerkwartiers.  Zo wil de stichting bereiken dat kinderen op zowel actieve als passieve manier in aanraking komen met de streektaal. ‘We hopen daarmee ook ouders en grootouders te kunnen betrekken in het project’, voegt Van der Laan toe. Er zijn ook plannen voor een app. Zo is het de bedoeling dat de Groningstalige app ‘Van Old noar Jong’ ook een versie krijgt in het Westerkwartiers met eigen tongval en woordenschat. ‘Dat maakt het toegankelijk en laagdrempelig om bezig te gaan met de taal. Het is niet onmogelijk om op oudere leeftijd het Westerkwartiers te leren, en zo’n app maakt het dan wat makkelijker.’ Ook wil Mien Westerkwartier projecten opzetten waar kinderen een rol in spelen. ‘We willen filmpjes maken met kinderen, die later weer gebruikt kunnen worden tijdens lessen. Daarnaast lijkt het ons mooi om kinderen te leren zelf verhalen te schrijven en te vertellen. Uiteraard in het Westerkwartiers. Van die verhalen kunnen ze dan weer een theatervoorstelling maken. Dan doen we het niet alleen voor kinderen, maar ook samen met kinderen.’ 

Wat komende maand op de planning staat, is een rondje verhalen vertellen langs verschillende basisscholen in het kader van Meertmoand Dialectmoand. Zo gaan de vertellers Aafke, Henk, Harke en Hennie van Kom op Verhoal naar basisscholen in Oldehove, Doezum, Kornhorn, Oldekerk, Lutjegast en Zevenhuizen. ‘We vragen de kinderen altijd: wie weet wat streektaal is? Eerst spraken nog veel ouders het Westerkwartiers en anders opa of oma, maar we merken dat het echt steeds minder wordt. Wat wel weer opvallend is: hoewel kinderen vaak denken dat ze geen Westerkwartiers begrijpen, blijkt dat in de praktijk juist het tegenovergestelde. We zeggen altijd: als jullie een ‘stoer’, oftewel moeilijk woord tegenkomen, zeg het dan tegen ons, maar eigenlijk verstaan ze alles.’ 

Juist dit is het moment om in te zetten op de streektaal. Er is namelijk een grote belangstelling voor dingen uit de ‘streek’, merkt Van der Laan. ‘Ineens wil iedereen streekproducten hebben, dat is helemaal in. Hetzelfde geldt voor streektaal. Mensen zien weer in dat ook dichtbij huis veel cultuur is om te ontdekken. Dus in dat opzicht hebben we de tijd mee zitten.’ Toch is er dus meer aandacht nodig: ‘Het is zo bijzonder dat wij een afgebakend gebied hebben waar we elkaar kunnen verstaan met onze spreektaal. Van Zuidhorn tot aan Marum kan je je ermee redden. Het zou toch zonde zijn als dat over een paar jaar niet meer kan?’ 

Meer informatie over Mien Westerkwartier is te lezen op www.mienwesterkwartier.nl. Bij interesse om ‘platproater’ te worden, of bij interesse om te schrijven in het Westerkwartiers kan er contact worden opgenomen met Mien Westerkwartier via info@mienwesterkwartier.nl.

UIT DE KRANT