Spelweek Oldehove eindigt in vuur en vlam

OLDEHOVE - Na een korte, muzikale zomerstop was het toch weer tijd voor de Ongenode Gast om op pad te gaan. In de laatste week van de zomervakantie werden overal in de Streek verschillende kinderspelweken georganiseerd. De onderwerpkeuze was daarom snel gemaakt, alleen het dorp moest worden uitgekozen. Overal waren de kinderen druk bezig met het bouwen van hun eigen hut. Toch pakten ze het in Oldehove net wat anders aan. Zij hebben daar namelijk een bijzondere traditie: op de laatste dag van hun spelweek worden de houten kasteeltjes in de brand gestoken.
Bij de eerste stappen op het terrein van voetbalclub O.K.V.C. doemen de hoge houten masten al op. De kinderen zijn nog nergens te bekennen. Al snel blijkt waarom: achter de kantine zitten ze allemaal aan de picknicktafels te wachten op patat. Het bestuur is druk in de weer om alles klaar te maken. Ook Gina Boersma, die samen met haar zus Marjan Boersma en de andere zeven bestuursleden de Spelweek ieder jaar weer organiseert. ‘Als kind deed ik altijd al mee aan de spelweek. Vervolgens werd ik vrijwilliger en ben ik nu bestuurslid’, vertelt ze. ‘Ieder jaar maken we het met een groep vrijwilligers mogelijk om dit te organiseren. De week begint op de maandag en wordt vervolgens traditioneel afgesloten met het grote vuur. Naast het huttenbouwen werden ook andere activiteiten georganiseerd, zoals bingo, een bonte avond en een avondje lasergamen voor de kinderen die in de sporthal bleven logeren. ‘De kinderen vinden de afsluiting toch altijd het allerleukste’, vertelt Boersma met een glimlach. ‘De brandweer steekt de stapel eerst in de brand en vervolgens mogen de kinderen meehelpen met het blussen.’ Buiten zitten Lisa, Lara en Jill. Hun hut zal straks ook in rook opgaan. Vinden ze dat niet erg? ‘Ik vind dat niet erg’, vertelt de negenjarige Lara. ‘Vanaf mijn zesde heb ik ieder jaar meegedaan en elk jaar ging alles in de fik. Het is juist leuk dat we mogen helpen blussen.’ Zij heeft samen met Jill gewerkt aan de hut. ‘Dat bouwen vind ik echt leuk’, voegt Jill toe. Ondertussen komt de Ongenode Gast Marjan Boersma tegen. ‘De Spelweek wordt al negentwintig jaar georganiseerd in Oldehove. Gina en ik bouwden als kleine hummeltjes ook altijd mee. En uiteraard hoort het erbij dat de hutten aan het einde in de fik gaan.’ Ook Jay, Sthembiso, Hugo en Koen wachten op dat moment. De Ongenode Gast krijgt zelfs een rondleiding door het huttendorp door de vriendengroep. ‘Zo’n week is leuk, omdat je plezier maakt met elkaar en dat je veel samen doet’, legt Sthembiso uit terwijl we naar de hutten toelopen. Helemaal linksachter staat hun bouwwerk. Boven aan een hoge mast wappert een zelfgemaakte ‘John Deere’ vlag. ‘Elk jaar houden we een wedstrijdje wie de allerhoogste hut kan bouwen’, vertellen de jongens. ‘Dat doen wij als huttenbouwers onderling, je wint er geen prijs mee.’ De ‘John Deere’ hut is dit jaar niet de allerhoogste. Dat is de hut ernaast. Toch maakt het de jongens niet veel uit. ‘In zo’n week kan je lekker bouwen, maar doe je ook andere activiteiten zoals spelletjes. We gingen ook een middag zwemmen’, vertelt Jay. Ondertussen vult gezang het terrein: ‘Overal waar we heen gaan! Vragen de mensen! Wie wij zijn! Wij zijn de Spelweek!’ De kinderen verzamelen zich snel achter de rood-witte linten en wachten vol spanning af. Als eerste wordt de bulldozer gestart en wordt al het harde werk onder gegil en gejoel omvergereden. De brandweer is inmiddels ook gearriveerd. Wanneer al het hout op een grote bult ligt, is het moment daar. Net voordat de brandweerlieden de bult willen aansteken, klinkt het vanuit het publiek: ‘Er hangt nog een handdoek aan die hut!’ ‘Dat maakt niet uit, die brandt wel’, is het antwoord. Al snel zijn de hutten omgetoverd tot een vlammenzee. Met grote ogen en veel enthousiasme kijken de kinderen naar het schouwspel. De vlammen komen hoger en hoger en donkere rookwolken vullen de lucht. Wanneer de Ongenode Gast wegrijdt, ziet ze een andere auto vaart minderen als hij de vlammen en rook ziet. Hij stopt zelfs langs de weg om te kijken. Ze snapt de auto wel, het lijkt inderdaad alsof er een grote brand is uitgebroken. Alleen weet hij niet dat het vuur zo geblust zal worden door de brandweer en tientallen enthousiaste helpertjes.








