Niks te klagen

Afgelopen week hadden de dames vakantie. Een broodnodig momentje van rust voor zowel de dames als hun moeder. Vrij nemen zat er niet in, maar even verlost zijn van het klaarmaken van broodbakjes en de vele ritjes van en naar school, doet ook veel voor een mens. Ik kijk er stelselmatig veel plezier naar uit; de hele week het hele spul om me heen. Neem me voor te genieten en extra veel tijd in ze te steken. Maar ook stelselmatig merk ik dat deze weken niet altijd de rust brengen waar ik naar snak, maar juist extra veel stress oproepen. Zo’n eerste weekend is er nog geen vuiltje aan de lucht. Alhoewel… Waar zij behoefte hebben aan even hélemaal niks doen, krijg ik altijd jeuk van de lamlendigheid die daarmee gepaard gaat. Ontspannen doe ík goed op hersenloze klusjes zoals oneindig opruimen en de was opvouwen. Het passieve gehang wat bij de dames gepaard gaat met opladen – en natuurlijk de schermhonger – vind ik lastig. ‘Maar mama, ik ben gewoon zo moe’, verzuchtte oudste dochterlief. Altijd fijn als zo’n meisje je met de neus op de feiten drukt. Niet zeuren, want ze zijn gewoon moe. Moe van de eerste weken school, veel fietsen, huiswerk en toetsen, sporten die doordraaien, hun weg weer vinden na een lange zomervakantie. En dat mag. Het door laten draaien van werk als de kinderen vakantie hebben, is ware topsport. Werkuren verschuiven naar heel vroeg in de ochtend zodat de middag wat meer ruimte voor hun herbergt. We wisselen verplichte ochtendjes op kantoor af met middagen waarop zij alle aandacht krijgen. Of ik werk middenin de chaos thuis omringd door één dame met een groot Lego-project – ‘ik kan een stukje niet vinden’-, één dame die in de keuken aan de slag gaat – ‘wil je helpen met het fornuis?’ – en eentje die zich toch eens aan haar huiswerk wijdt – ‘ik snap mijn wiskunde niet’. Oftewel: het is veel. Een weinig rustige sfeer en weinig ononderbroken momentjes om me aan mijn eigen werk te wijden. Op donderdag is dan ook standaard de koek op en standaard vind ik dat stom van mezelf. Maar het oneindig wisselen tussen mama en directrice, tussen huishouden en werk, tussen kinderen en to do lijsten; het vraagt veel. En juist afgelopen week vond ik dat extra stom van mezelf, want in mijn omgeving zag ik hoe oneerlijk het leven kan zijn. Eén vader moest het leven loslaten; één vader moest zijn dochter loslaten. Ik heb niks te klagen. Sterker nog; ik heb drie gezonde dames een hele week om me heen gehad. Ja, het was veel. Veel gepraat om me heen, veel te vermaken bij tijden en teveel schermtijd soms. Maar het was ook veel vaker gezellig, we maakten veel nieuwe herinneringen, ondernamen veel samen en hadden veel momenten waarop we simpelweg gelukkig waren met elkaar. Nog zeven zondagen tot Kerst. Dan zijn ze weer twee hele weken om me heen. Stiekem tel ik toch weer af.



