De pillen van Zus

Onze Zus, ik schreef er laatst al even over, leek wel erg snel oud te worden deze zomer. Nou moet ik eerst even toevoegen dat Zus eentje van het type fluffy paradepaard is, een echte ragdoll, en bij voorkeur doet zij zo min mogelijk. Naar buiten gaat ze nooit; even de wind door de haren aan de goede kant van de hor, is meer dan voldoende. Aangezien Zus zo lui is, dat ze ook zichzelf niet heel goed onderhoudt, waren we niet direct in paniek toen haar oren viezer werden. Toen het toch oormijt bleek, was het kwaad al geschied en waren wij veel en veel te laat. Na een eerste ronde antibiotica knapte mevrouw zienderogen op. Dat mocht ook wel, want het geven van die pillen was me toch een crime. Zus wordt bij ons thuis ook wel Houdini genoemd, want zelfs bij de dierenarts hebben ze haar ooit in een dwangbuis voor katten gehesen en lukte het haar eruit te ontsnappen. Dus reken maar niet dat het simpel was om haar tien dagen lang pillen toe te dienen. De eerste dag begin je altijd optimistisch, maar toen Zus haar nagels in mij zette en manlief bijna door de duim heen beet, kozen we voor grof geschut. We wikkelden haar als een baby in een grote handdoek en moesten haar half waterboarden om die pil er maar in te spoelen. Hoe verder de week vorderde, hoe meer we erop begonnen te zien. De dierenarts vertelde ons bij de nacontrole - dus nadat wij dit tien dagen hadden volgehouden - dat er overigens ook spuiten antibiotica zijn. Toen de ontsteking zich na een week of twee toch weer deed gelden, opteerden wij dus direct voor die laatste optie, maar helaas: de vorm van antibiotica die ze nodig had, kwam niet in vloeibare vorm. Wanhopig begonnen we aan een tweede rondje van worstelen met Zus. Oudste dochterlief - vanaf haar geboorte verknocht aan het harige monster - bekeek met tranen in de ogen hoe het manlief en mij maar niet lukte de nu nog grotere pillen erin te krijgen. Eenmaal gelukt, liep Zus met een scheve bek en rare geluiden weg. Ik vreesde een kaak uit de kom; oudste dochterlief begon echt te huilen en manlief pakte vloekend de telefoon om de spoedlijn maar weer te bellen. Het was inmiddels 10 uur in de avond, dus heel veel zin in een rondje dierenarts hadden we niet, maar Zus bleef maar gekke geluiden maken en met die kaak trekken. Toen de dierenarts eenmaal aan de lijn was, werden de geluiden harder tot ze uit het niets een kies uitspuugde. Om zich vervolgens tevreden op haar vaste plekje te nestelen. De dierenarts die we inmiddels wel wakker hadden gebeld, kon er wel om lachen. En oh ja, gaf ze de gouden tip: hadden jullie al gedacht aan vergruizen? Het bleek overigens niet eens nodig. Zonder toestanden hebben manlief en Zus een soort compromis gesloten en de pillen gaan er wonderlijk genoeg sindsdien zonder toestanden in. Op die ene die we later toch uitgespuugd terugvonden na.



