Na drie jaar zijn hoenders weer welkom bij de Open Show van het PKV Westerkwartier

GROOTEGAST - Afgelopen week had de Ongenode Gast opnieuw een primeur: een Open Show van het PKV Westerkwartier (pluimvee- en konijnenfokvereniging het Westerkwartier). Tientallen hoenders, konijnen en sierduiven stonden op lange rijen tafels verspreid door Tuincentrum Drint in Grootegast. De Open Show zou van woensdag tot zaterdag duren. Woensdag was de dag dat de dieren in hun hokken werden gezet. Donderdag was de spannendste dag: de keuring zou dan vanaf 09:00 beginnen.
Als de Gast het tuincentrum in loopt, hoeft ze alleen de geluiden te volgen om te weten waar de tentoonstelling plaatsvindt. De hoenders leiden de weg naar de grote ruimte. De keurmeesters zijn al druk bezig met het bekijken van verschillende dieren. Een Vlaamse reus wordt net uit zijn hok gehaald voor zijn keurbeurt. Voorzichtig worden de poten, oren en het snoetje bekeken van het konijn. Daarna wordt hij op zijn rug gelegd en bekijkt de keurmeester de lichte vacht op de buik van het dier. ‘We gaan van groot naar klein’, legt Jaap Solle uit als hij ziet dat de Gast nieuwsgierig naar het verschijnsel kijkt. De keurmeester blaast zelfs even op de buik van het dier om de vacht goed te kunnen bekijken. ‘Uit elke beoordeling komt een score die boven elke kooi wordt opgehangen. Zo weten we welk dier uiteindelijk de mooiste is.’ Solle heeft zelf ook dieren meegebracht naar de Open Show. Hij wijst naar de witte konijnen. ‘Ik heb wel eens een prijs gewonnen met mijn dieren, maar het blijft lastig. Konijnen zijn pelsdieren, dus is het belangrijk dat de pels klaar is op de dag van de keuring.’ Ondertussen is de Vlaamse reus door zijn keuring heen en wordt hij weer in zijn hok gelegd. De andere konijnen liggen er relaxed bij en kijken naar het schouwspel. Is dit niet zielig voor de dieren? Solle glimlacht even. ‘Sommige mensen vinden het niks, maar iedereen hier is een dierenliefhebber. Ik snap niet waarom er soms zo moeilijk wordt gedaan.’
Ondertussen loopt ook Harm Timmer langs de kippenkooien. De Gast heeft nog nooit zoveel verschillende soorten bij elkaar gezien: bruine kippetjes, zwart-witte kippen en ook grote, witte hanen kijken naar de toeschouwers die langs hun kooien lopen. Timmer is een van de hoenderkeurmeesters vandaag. Hoe keur je zo’n kip, vraagt De Gast zich af. ‘Eigenlijk kijk je naar alles’, zegt hij. ‘Je pakt het dier in de hand en gaat alle onderdelen bij langs. Uiteindelijk eindig je bij de poten. Zo’n keuring komt heel precies.’ Zo zijn er speciale studies om kippen te mogen keuren. Timmer is er acht tot tien jaar mee bezig geweest, vertelt hij. Hij keurt dan ook al zeven jaar kippen door heel Nederland. ‘Er zijn in totaal 210 kippen. Ik ga er vandaag 67 keuren.’ Het feit dat hoenders weer welkom zijn op de Open Show is bijzonder. ‘Na drie jaar zijn de hoenders weer vrijgegeven. Als je alleen konijnen en duiven in de zaal hebt, is het stil. Nu is het lawaai er weer en hoor je het kraaien van de hanen.’
Terwijl de Ongenode Gast verder langs de kippen loopt, ziet zij ineens een heel bijzonder ras. In kleine kooitjes zitten namelijk mini kippetjes. Het blijken Serama-kippen te zijn, het kleinste kippenras ter wereld. Het liefst zou ze eentje in haar tas stoppen en mee naar huis nemen, zo schattig zijn ze. Solle komt bij haar staan. ‘Voor de keuringen moeten ze op een stokje blijven zitten. Ze mogen er niet af vallen. Gebeurt dat wel, krijgen ze punten aftrek. Ze worden dus ook op hun karakter gekeurd.’ Daarnaast zitten nog kleinere vogeltjes. ‘Diamantduiven’, zegt Solle. ‘Die moet je niet uit de kooi halen. Dan ben je ze kwijt.’
Ondertussen is voorzitter Elze Zwama klaar met het uitvoeren van de verschillende keuringen. Hij is naast kippenkeurmeester ook eendenkeurmeester, maar die zijn niet welkom op de tentoonstelling. ‘Dat mag niet tegelijkertijd met de kippen vanwege de vogelgriep’, legt hij uit. ‘Kippen zijn allemaal geënt, maar eenden niet.’ Zwama vindt het jammer. ‘Ik heb thuis ook kwakertjes, en in Nederland zijn er niet zoveel eendententoonstellingen.’ Naast eenden heeft hij thuis ook verschillende kippenrassen rondlopen. ‘Toen ik zes was, kreeg ik mijn allereerste krielkipjes. Dat ras heb ik nu nog steeds.’ Hoewel hij dit jaar zelf geen kippen tentoonstelt tijdens de show, is hij blij dat de hoenders weer welkom zijn. ‘Je hebt mensen die houden meer van konijnen en andere die toch voor de kippen komen. Konijnen zijn mooi, maar je mist het geluid. Zonder kippen heb je geen gekraai of geen ‘toktok’, zegt hij met een lach. ‘Zelfs de konijnenkeurmeesters zijn blij dat de kippen er weer zijn dit jaar.’














