Minder is meer: het rijke leven van Tosja Schaeffer

Afbeelding
Foto: Romanie van Ek
kleintje cultuur

BRILTIL - Tosja Schaeffer is beeldend kunstenaar en verhalenverteller. Ze woont in Briltil en wordt op 20 september 86 jaar. Een leeftijd waarop zij, naar eigen zeggen, wel genoeg heeft gedaan. En dat is bepaald niet weinig: van poppentheater in ziekenhuizen tot een gered kerkje, van een dia-avond met een buikdanseres tot decennia aan textielkunst. ‘Ik heb zelf al een heleboel opgeschreven,’ zegt ze lachend over haar eigen levensverhaal. ‘Toen dacht ik: jeetje, wat een hoop.’

Schaeffer werd geboren in 1940 in Schiedam, tijdens de beschieting van de Merwedehaven van Rotterdam. Ze groeide op in een tijd waarin weinig voorhanden was. ‘Dus je moest heel veel fantasie gebruiken,’ vertelt ze. Die vindingrijkheid bleef haar leven lang een rode draad: op jonge leeftijd organiseerde ze wandelmarsen en toneelstukken, en schreef ze de KRO een brief met de wens voor een jongerenomroep. Tot haar verbazing kwam die er.

Na de mulo ging Schaeffer naar de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam, waar ze van 1958 tot 1962 les kreeg van onder anderen Klaas de Jong en Otto Dicke. Ze begon er in september 1958, dezelfde maand waarin ze haar latere man Gerard ontmoette; hij had daar in maart van dat jaar nog zijn eindexamen gedaan, daarvoor kenden ze elkaar niet. Gerard werd later reclametekenaar en ontwierp het bekende Zeeuwse Meisje. ‘We kenden elkaar helemaal niet, het was gewoon toeval dat we allebei met kunst bezig waren,’ vertelt ze. Haar textielkunst ontstond uit noodzaak: verf en penselen waren te duur voor een studente. ‘Een van de docenten zei dat ik ook met textiel kon werken,’ zegt ze. ‘Dus daar ben ik toen mee begonnen.’ Binnen haar textielkunst speelt het grafisch element altijd de hoofdrol.

Die lijn zette ze decennialang voort, geïnspireerd door de Japanse haiku. ‘Minder is meer’, is haar parool. Bij veel van haar textielwerken schreef ze een haiku, kort en to the point. Zo dichtte ze ooit: ‘Stilte in het veen. Geen vogel meer te horen. Alles lijkt in rust.’ Een Duitse hoogleraar vergeleek haar werk ooit met dat van Paul Klee, iets waar ze zelf nuchter onder blijft. ‘Ik zelf zie het niet zo, maar hij zag dat.’

Naast haar werk als kunstenaar hield Schaeffer jarenlang de ontspanning van patiënten in het Zonnehuis en later in ziekenhuis Beatrix in Haren draaiende, met voorstellingen, concerten en een gedenkwaardige dia-avond over Marokko waarbij een buikdanseres plots door de zaal danste. Ze woonde met haar man ook een aantal jaren in Duitsland, in de streek rond Westerstede, waar ze exposeerde en lid werd van een kunstenaarsvereniging. Na zijn overlijden keerde ze terug naar Nederland.

Ook maatschappelijk liet Schaeffer zich niet onbetuigd: ze zette zich in voor het behoud van een dreigend af te breken kerkje, dat uiteindelijk werd gerestaureerd en bij de stichting Oude Groninger Kerken terechtkwam, en voerde actie tegen bouwplannen van een provinciaal gedeputeerde, compleet met een verrassingsoptreden als Sinterklaas en Zwarte Piet bij diens afscheid. Vorig jaar en dit jaar hield ze bovendien de toespraak bij de 4 mei-herdenking, waarbij ze put uit haar eigen herinneringen aan de oorlog, en helpt ze vluchtelingen, onder wie een man uit Ethiopië en twee jonge mannen uit Nigeria, met het leren van Nederlands. In 2024 kreeg ze een koninklijke onderscheiding: ze werd Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

Drie jaar geleden werd Schaeffer ernstig ziek, waarna haar energie afnam en ze veel activiteiten liet varen. ‘Ik doe nu alleen nog dingen waarvan ik denk: ja, dat is iets wat ik echt wil,’ zegt ze. Wat drijft haar, terugkijkend op zo’n rijk leven? ‘Ik vond dit alles gewoon leuk om te doen. En dat is echt zo,’ zegt ze. ‘Ik heb alles altijd voor het plezier gedaan. Ik vond het fijn als andere mensen het dan ook leuk vonden.’

Lees meer en bekijk het werk van Tosja op www.tosjakunst.webnode.nl

UIT DE KRANT