Roekenverjaging in Leek, Tolbert en Grijpskerk lijkt de goede kant op te gaan: ‘Het slaat goed aan in de beheergebieden’

WESTERKWARTIER - Al jaren is er in het Westerkwartier sprake van overlast door broedkolonies van de roek. Vooral in Leek, Tolbert en Grijpskerk zorgt de zwarte vogel voor problemen. Niet alleen storen inwoners zich aan het gekraai, maar ook de uitwerpselen zorgden voor veel klachten. Daarom is er sinds 2022 het Roekenbeheerplan Westerkwartier: bureau Witteveen groenprojecten en advies houdt zich al drie jaar lang bezig met roekenverjaging in die drie dorpen. En dat lijkt de goede kant op te gaan, volgens Adviseur groen, landschap en natuur Anouk de Jong: ‘We zien een positieve trend dat de beheergebieden waar de roeken naartoe moeten gaan, goed aanslaan in de gemeente Westerkwartier.’
In 2021 is door een deskundige partij een onderzoek uitgevoerd naar roekenoverlast in gemeente Westerkwartier. Ook alle meldingen vanuit inwoners werden daarbij meegenomen. In drie dorpen bleek de overlast het ergst: Leek, Tolbert en Grijpskerk. Daarom is daar besloten actie te ondernemen aan de hand van het Roekenbeheerplan Westerkwartier. Op basis van dit plan heeft de gemeente een ontheffing van de provincie ontvangen voor vier jaar roekenbeheer vanaf de drie ernstige overlastlocaties. Onder die locaties vallen plekken in de bebouwde kom met hoge bomen met veel nesten op korte afstand van woningen, waar al meerdere jaren klachten zijn. Voor de nestlocaties zijn alternatieve locaties, ook wel beheerlocaties, aangewezen waar de roeken wel ongestoord kunnen broeden. Vanaf december 2022 is Witteveen groenprojecten en advies gestart met de uitvoering. Na drie jaar is er een positieve trend te zien, vertelt De Jong: ‘Zowel het beheergebied in Leek en Tolbert als in Grijpskerk slaat goed aan. Vanaf het moment dat de roeken actief worden, nu dus, beginnen we met een wekelijkse inventarisering. We gaan door het hele dorp en kijken of we nieuwe nesten zien. Die brengen we vervolgens in beeld op een kaart.’ Daarna volgt een verwijderronde op de overlastlocaties: ‘Met een hoogwerker en klimmers halen we de nesten weg. Dit zorgt ervoor dat de roek een nieuw nest moet bouwen. Het nestmateriaal brengen we vervolgens naar het beheerlocatie. Omdat roeken hun nestmateriaal ruiken is de ervaring dat ze zich op den duur op de alternatieve beheerlocatie vestigen.’
De roeken laten zich niet zomaar naar andere locaties verjagen. Ze kunnen na het verjagen in Leek, Tolbert en Grijpskerk ook tijdelijk op locaties gaan zitten waar ze ook niet gewenst zijn, legt De Jong uit. ‘Je moet je eens voorstellen dat je als roekzijnde wordt verstoord. Je gaat dan zwerven door het gebied op zoek naar een nieuwe plek. Daarom is dat verjagen zo belangrijk. Als je dat blijft doen, zullen ze uiteindelijk op die aangewezen beheerlocaties blijven. Dat is in ieder geval de trend die we hebben gezien in andere gemeentes.’ In het najaar, als de bladeren weer van de bomen zijn gevallen, worden deze locaties geïnventariseerd. Dan zijn de nesten namelijk het beste te tellen. Vervolgens worden die nesten onderdeel van het verjagingsplan. ‘Een roek heeft namelijk ongeveer twee jaar nodig om zich in te prenten op een nieuwe locatie’, legt De Jong uit. ‘Daarom is het nodig om minimaal vier jaar te verjagen, de ontwikkelingen in de gaten te houden en zo nodig bij te stellen.’
De beheerlocaties bevinden zich op dit moment bij Landgoed Nienoord in de buurt, aan de noordkant van Tolbert vlakbij de A7 en aan de zuidkant van Grijpskerk bij de sportvelden. De beheerlocaties zijn niet zomaar uitgezocht. Roeken zijn namelijk slimme vogels die een aantal eisen stellen aan hun leefgebied, vertelt De Jong. ‘De vogels gaan in een hoge boom zitten. Dat kan vanaf zeven meter hoog, maar meestal hebben ze de voorkeur voor bomen van ongeveer vijftien meter hoogte. Hun nesten bouwen ze in een drievork. Daarnaast houden ze van overzicht over het landschap, omdat ze hun eten in een open gebied zoeken. Daarom hebben zij de voorkeur voor lijnvormige structuren, dus langs wegen, vaarten en sporen. Daarnaast houden we rekening met de afstand tot woningen. Meer dan 150 meter is daarvoor wenselijk.’
Het verjagen zelf gebeurd met behulp van bewoners van de overlastlocaties. Met behulp van speciale zaklampen gaan de vrijwilligers tijdens de schemering op zoek naar de vogels. ‘De roeken schrikken door het felle licht en worden op die manier verstoord. Daardoor kunnen ze zich minder snel nestelen en zijn er minder nesten om te verwijderen. We hebben dan ook veel aan de vrijwilligers’, legt De Jong uit. ‘Op eigen initiatief staan sommigen heel vroeg op om de lamp erbij te pakken. Die verjaagrondes hebben een positief effect op het verjagen,’ Belangrijk daarbij wel is dat de roek een beschermde diersoort is. Als inwoner is het daarom niet toegestaan om zelf roeken te verjagen. Het verjagen gebeurt daarom in samenwerking met Bureau Witteveen groenprojecten en advies. Bureau Witteveen is nog op zoek naar vrijwilligers voor de rondes. Geïnteresseerden kunnen zich melden via roekenbeheer@witteveenadvies.nl
Hoewel het verjagen nog steeds nodig is, ziet De Jong het positief in: ‘We zien dat in andere gemeentes succesverhalen zijn neergezet. Daar is het volledig opgelost, dus het is ook hier mogelijk. Het blijft de natuur. Je kan veel sturen, maar niet alles.’ Dat blijkt bijvoorbeeld ook uit het feit dat de vogels nu soms overlast veroorzaken op nieuwe locaties. ‘De Auwemalaan in Leek was een hele heftige overlastlocatie. Nu zijn daar vrijwel geen roeken meer. Die zitten nu op een andere plek, dus blijft het belangrijk om daar ook door te verjagen naar de beheerlocatie. Op die manier kunnen we ervoor zorgen dat er uiteindelijk geen overlast meer zal zijn.’ De Jong roept dan ook op om een melding te maken zodra er een roekennest wordt gevonden in Leek, Tolbert of Grijpskerk. Ze zijn op de volgende manieren te herkennen: ‘Roeken zijn koloniebeesten. De meeste vogels kiezen een boom waar nog geen nest in is gebouwd, maar roeken zitten juist bij elkaar. Daar zijn ze dus aan te herkennen. Ook worden de nesten vaak gevonden in hoge bomen in een drievork.’ Vragen of meldingen over de ernstige overlastlocaties Leek, Tolbert en Grijpskerk kunnen worden gesteld aan bureau Witteveen via roekenbeheer@witteveenadvies.nl. Meldingen over roekenoverlast vanuit de andere dorpen https://www.westerkwartier.nl/roekenoverlast-melden


