Naar de stad

Het is wat suf om te zeggen, maar als je elke dag slechts vijf minuten van kantoor naar huis rijdt en daarvan zeker de helft door het bos voert, dan is rijden in de stad toch andere koek. Zelf woonde ik jarenlang middenin de binnenstad van Groningen, maar dat stadse fietsen heb ik nooit echt onder de knie gekregen. Gelukkig woonde ik dus zo dichtbij alles dat ik me te voet ook prima redde. Na wat aanvaringen met boze fietsers leerde ik wel ogen in mijn achterhoofd te hebben om die razende tweewielers te ontwijken. Als ik nu weer met de auto de stad induik, zie ik precies weer waarom ik zo’n hekel aan die stadse fietsers heb. Overal om je heen duiken ze op en ze denken overal tussendoor of bij langs te kunnen. Ik zou alleen al veel te netjes zijn om op de fiets even een auto in te halen. Desondanks koos oudste dochterlief onlangs voor een middelbare school in de stad. Gelukkig aan de goede kant van de stad, want helemaal het centrum doorkruisen op de fiets leek mij voor deze dame die wat betreft lef en bescheidenheid aardig in mijn straatje past, net even een brug te ver. We bekeken ook een school aan de noordkant van de stad, waar een aardige rector – eveneens afkomstig uit een dorp – ons trots vertelde dat er tig bussen in de buurt stopten; allen op weg naar het studentencomplex daar in het noorden. Doembeelden van die propvolle bussen die me vroeger bij de halte lieten staan, trokken voorbij. Ik vertelde de dame maar niet dat onze dochter slechts twee keer in haar hele leven in een bus had gezeten. Een ervaring die ze overigens top vond en daarmee staat met de bus naar school straks, hoog op haar lijstje. Ze zal ongetwijfeld eens in de verkeerde bus stappen, maar ze komt vast altijd weer thuis. Ook daarin kan ze weleens in mijn straatje passen, want zelfs toen ik op 16-jarige leeftijd met beste vriendin de tienertoerkaartjes verloor in Arnhem, kwam ik toch zonder problemen en zonder tussenkomst van ouders, weer thuis. Ik stel me er maar op in, dat dit ook mijn voorland is als moeder. Voor nu heb ik alle dames nog lekker onder mijn hoede. En doe ik mijn best ze genoeg bagage mee te geven voor als het moment daar is dat ze alleen de wereld in gaan. Een dagje stad is daarom een vast onderdeel van onze vakantiebesteding. Ook afgelopen week dwaalden we weer een dagje door de binnenstad van Groningen. Fietsers ontwijkend – vooral de jongste heeft geen enkel idee waar al die fietsers vandaan kunnen komen - , een zwerver spottend, maar met de bus dáár waag ik me niet aan. Voorlopig hou ik het, alleen onderweg met drie jongedames, even bij mijn eigen auto. Het goede voorbeeld gevend, red ik me dan ook wel weer prima tussen die stadse fietsers. Grootste struikelblok bleek afrekenen bij één van de grote modeketens. Geen idee hoe die zelfscan daar werkte. Deze versie hebben we nog niet in ons ‘plattelandsdorpje’. Naast me twee studenten die met liefde wilden helpen. Oudste dochterlief ging door de grond. Nog even en dan wil ze niet meer mee, vrees ik.



