Vakantiemijmeringen

Uren over de Duitse autobahn zoeven terwijl we witte bolletjes met gebakken ei eten. Curryworst met pommes. Het vignet voor de Oostenrijkse wegen vergeten en in de auto op kilometers van de grens alsnog aanschaffen. De Brennerpas. Echte Italiaanse cappuccino drinken. De eerste blik op het Gardameer. Toch weer teveel meenemen en dus veel te veel de kamer in sjouwen. Die eerste duik in het zwembad. De eerste dag bijna verbranden. In de file op de weg rond het Gardameer staan. Zwemmen in het meer en opnieuw ontdekken dat je beter waterschoentjes mee had kunnen nemen. Het ritme volledig omgooien met avondeten rond 19.30 uur kinderen die om 22 uur nog niet in bed liggen en tussen de middag even moeten niksen om het vol te houden. Doorrijden naar onze vaste plek aan de Adriatische kust. Daarvoor eerst Bologna en de volgelopen snelweg richting de kust moeten trotseren (+3 uur dit jaar). Voor de achtste keer aankomen bij hetzelfde hotel en weer even enthousiast begroet worden. Binnen een uur richting het strand lopen om onze vaste bedjes op de eerste rij in te nemen en helemaal niks meer te doen. Op de kinderen na, want die liggen binnen een minuut in de zee en zitten daarna binnen drie minuten volledig over het zand. Op de puber na, die dit jaar een nagelborsteltje mee had genomen om haar strandbed schoon te houden. Die overigens haar ‘ik ben te cool voor mijn zusjes en ouders’-houding na drie dagen weer volledig liet varen en even enthousiast meeging zwemmen en tennissen op het strand. Ook zoiets: de enige beweging is het oneindig overslaan van een balletje op houten plankjes; even frustrerend als hilarisch als we passerende strandgangers per ongeluk raken. Drie boeken uitlezen (!). De lunch afsluiten met een gratis likeurtje en dan hand in hand naar het strand slenteren. Samen ontbijten, samen lunchen, samen avondeten, samen op het strand liggen, samen de zee in, samen spelletjes doen… oneindig veel samenzijn. Oneindig veel en vaak insmeren – een fles of zeven aan zonnebrand zijn erdoor. Twee meisjes die diepbruin zijn; een puber die aan haar tanline werkt. Elke avond pasta en de heerlijkste huisgemaakte toetjes. Andere hotelgangers een jaar niet spreken en dan moeiteloos de draad weer oppakken. Onweer waar je u tegen zegt. Elke avond de straten vol en dan doelloos rondslenteren. De WK-finale tussen de Italianen kijken en niet zeker weten voor welk land je moet juichen. Liefde voor limoncello. Heet weer en dus zweten zoals je nog nooit hebt gedaan. Italiaanse schoenen blijken weer leuker dan die in Nederland. Veel te veel ijsjes eten, elke dag granita halen (sorry tandarts). Buiten zijn; alleen maar buiten zijn. Ontbijtjes met pannenkoeken, croissants con crema en watermeloen. Afscheid nemen en alvast besluiten dat je toch weer terugkomt. Weer meer mee terug dan erheen ging – en dat was al teveel. Uitgezwaaid worden door de uitbaters van de strandtent. Een hart vol mooie herinneringen. Ik dacht: laat ik eens op Italiaans tempo onze vakantie op een rijtje zetten.



