Strategie, visie en vooral arbeidsplezier

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA

In de serie Boerenblik brengen we de verhalen van het boerenerf. Dit keer een bijdrage van Mark Groenveld, die een boerenbedrijf in Niezijl runt en voorzitter van het LTO Westerkwartier is.

'Er bestaan verschillende strategieën om een melkveebedrijf te runnen. Zo heeft iedere melkveehouder een eigen visie op wat in zijn of haar situatie de beste strategie is. Het is dus belangrijk dat die gekozen manier van melk produceren goed past bij het bedrijf, maar vooral ook bij de interesses en sterke punten van de boer. Waar de ene boer gemakkelijk een meerwaarde uit de melkprijs kan halen, doordat diens bedrijf zich daar goed voor leent, kiest de ander ervoor om een hoge productie te leveren tegen de standaardmelkprijs. Nevenactiviteiten zoals agrarisch natuurbeheer, een boerencamping, landwinkel of kinderdagopvang kunnen ook een goede keuze zijn, evenals het bedrijf zodanig inrichten dat de boer er een baan naast kan hebben. Maar de productie van melk en vlees blijft toch vaak het belangrijkste en hetgeen wat de meeste melkveehouders het leukste vinden. Dat is bij mij ook het geval en over de manier waarop is mijn visie als volgt: zo goed mogelijk produceren met zo weinig mogelijk input van aangekochte middelen. Concreet houdt dat in dat ik zo weinig mogelijk voer aan wil kopen en datgene wat ik aankoop zo goedkoop mogelijk dient te zijn, zonder de melkproductie daarbij uit het oog te verliezen. Om dat te realiseren bereken ik zelf het rantsoen van de koeien, verbouwen we het voer dat onze koeien nodig hebben zoveel mogelijk zelf en ben ik veel bezig met de inkoop van het juiste voer dat daarnaast toch nog aangekocht dient te worden. Naast het voorkomen van hoge kosten voor de aankoop van voer, proberen we ook zo weinig mogelijk kunstmest aan te kopen door middel van een uitgekiende vruchtwisseling en het gebruik van veel klaver in het grasland. Klaver kan namelijk zelf stikstof uit de lucht halen. We telen het voer voor de koeien op akkerbouwmatige wijze. Dat houdt in dat we het land ruilen met een akkerbouwer, geregeld nieuw grasland inzaaien en niet vaker dan één keer achter elkaar maïs en voederbieten verbouwen. De vele suikers uit die bieten zijn een prachtige energiebron voor de koeien om goed melk te kunnen produceren met hoge gehalten aan vet en eiwit. Wat hetzelfde effect heeft, is het voeren van vers gras in plaats van kuilvoer. Daar zijn we sinds drie jaar ook volop mee bezig en door de combinatie van al deze inspanningen zijn onze voerkosten laag. De keerzijde is dat dit allemaal wel extra werk met zich meebrengt, maar omdat mijn werk ook mijn hobby is, geeft dit veel voldoening!'