Rogier van ‘t Land, D66 Westerkwartier: “We zijn een partij van positieve energie die problemen wil oplossen”

Het zou zomaar eens zijn laatste termijn in de gemeenteraad kunnen zijn. Tenslotte is het binnen D66-kringen redelijk standaard om het estafettestokje na drie termijnen door te geven. Aangezien dit zijn derde verkiezingen worden, is het optelsommetje snel gemaakt. Maak echter niet de fout om Rogier van ’t Land een uitgebluste indruk aan te praten, want de lijsttrekker van D66 staat samen met zijn partijgenoten te trappelen van ongeduld om meerdere ambities waar te maken.
Voordat we zover zijn, is het goed om eerst even terug te blikken op de afgelopen raadsperiode. “Interessant”, is het woord dat bij hem direct naar boven komt. Hij doelt dan met name op het politieke landschap: een brede coalitie en een kleine oppositie. Dan zou je jezelf als kleine partij met twee raadszetels gemakkelijk een Calimero-effect kunnen aanpraten, maar zo zit D66 niet in elkaar. “Met deze politieke verhoudingen is het belangrijk om constructief te zijn. Als je laat blijken dat je wilt samenwerken, dan krijg je ook de gunfactor. En daarmee de ruimte om afspraken te maken over bepaalde onderwerpen. Zo zijn we op de bres gesprongen voor de vleermuis en daar kregen we steun van onder andere GroenLinks, PvdA en ChristenUnie.”
Van ’t Land heeft de hoop én de verwachting dat D66 in Westerkwartier er minimaal één raadszetel bij kan krijgen. “Het is altijd ingewikkeld om in te schatten wat het effect is van de landelijke politiek. We hebben ook in Den Haag in ieder geval laten zien een partij te zijn van positieve energie die problemen wil oplossen.”
Met dezelfde insteek gaat D66 ook de nieuwe raadsperiode in waarbij de democraten stevig inzetten op woningbouw. “Dat is geen uniek punt”, is hij de eerste om toe te geven dat dit thema breed wordt gedeeld, maar hij heeft wel een kritische kanttekening. “In deze bestuursperiode is hoog ingezet en toch slechts de helft gerealiseerd van wat van tevoren is bedacht. In onze optiek is het daarom noodzakelijk om een inhaalslag te maken en daarbij ook te kijken naar grotere locaties in de kleinere kernen. Dat hoeven zeker niet altijd weilanden te zijn, maar als er even geen opties zijn, dan moeten we wel wat.”
Met de overige kandidaat-raadsleden van D66 hamert hij ook op een investering in de gezonde gemeente. Niet alleen gezond opgroeiende kinderen, maar een leven lang gezond blijven. “Dat wordt over een jaar of tien echt een ding, dus we moeten als gemeente echt gaan leveren”, weet de ervaren lijsttrekker die in dit kader laat weten blij te zijn met de andere (meer regionale) manier waarop tegen de Jeugdzorg wordt aangekeken. “Ik hoop echt dat daarmee sneller hulp wordt geboden en dat de kosten op termijn gaan afnemen. De ervaringen in Veendam stemmen me in ieder geval positief.
Een lokale partij met een eigen programma en verbindingen naar Groningen (provincie) en Den Haag (landelijke overheid), dat is het gezicht van D66 Westerkwartier. En juist die lijntjes kunnen in de komende periode van waarde zijn bij lastige dossiers zoals het stikstofverhaal. “De provincie is verantwoordelijk, maar wij hebben er lokaal wel last van. Agrariërs ervaren spanning en het noodzakelijke onderhoud aan de bruggen ligt te lang stil.”
Een laatste speerpunt dat hij graag wil aanstippen, betreft meer aandacht voor digitalisering. “Dat zit ‘m in verantwoord omgaan met data van inwoners, maar ook in het onderzoeken hoe we het MKB meer kunnen ondersteunen. Wellicht kunnen we als gemeente met onze (onderwijs)partners op pad om de kleine ondernemer te helpen met AI. Met daarbij aandacht voor zowel innovatie als veiligheid. Ik zie wel kansen.”



