Lukas Aalders begint op zijn tachtigste aan solocarrière

Afbeelding
Foto: ERIK VEENSTRA
Weekendverhaal actueel

TOLBERT – Bijna 81 is hij. En net begonnen aan zijn solocarrière. Ruim 21 jaar was Lukas Aalders de helft van het fameuze duo Nul en Nix waarmee hij het hele land doortrok om liefhebbers van Drentse en Grunneger liedjes te bedienen. En daar waren ze met zo’n twee tot vier optredens per week behoorlijk druk mee. Vorig jaar besloten de muzikanten te stoppen. De spreekwoordelijke koek was op. Al snel begon Aalders de optredens te missen en besloot alleen verder te gaan. Hij had namelijk nog een heel repertoire in zijn hoofd. ‘Ik ga door tot er belangstelling is en zolang ik er zelf lol in heb.’’

In huize Aalders staat Radio Noord op. Altijd. Beetje nieuws, gezellige muziek. Liedjes van weleer. De gitaar staat in de hoek van de woonkamer. Het leven van Lukas Aalders ademt muziek. Dat begon al op zijn vijftiende, toen hij samen met zijn broer Rits, in de volksmond ook wel bekend als de burgemeester van Nieuw-Roden, optrad. Lukas op ukelele, Rits op gitaar. Toen hij trouwde en samen met zijn vrouw Jantje kinderen kreeg stopte hij. ‘Dat ging zo in die tijd. In 2000 trof ik Jan Mulder uit Roden. Een accordeonist. Monstervent. Hij zat bij shantykoor de Landrotten. Hij vroeg me of ik nog wel eens gitaar speelde. Nou nee, dat deed ik allang niet meer. Ze zaten nog om een gitarist verlegen, vertelde hij mij. Toen heb ik mijn gitaar uit de mottenballen gehaald en meegedaan met de repetitie. Zo is het weer begonnen.’

Samen met Johan Hoff vormde Lukas Aalders twee decennia het legendarische duo Nul en Nix. De twee waren geliefd in heel Nederland. In hoogtijjaren traden ze vier keer in de week op in Groningse en Drentse cafés. Van Groningen tot Amsterdam en Brabant. ‘Het enige wat we mee hadden was een gitaartje en een voettrommel. We besteedden vooral veel aandacht aan zang. Uiteindelijk werd al dat heen-en-weer reizen ons wat teveel. Maar als er dan weer een leuke aanbieding kwam, konden we geen ‘nee’ zeggen.’ Vorig jaar januari werd dan toch de knoop gehakt. ‘We hebben altijd gezegd: als we er geen zin meer in hebben of we doen het alleen nog maar voor een paar zakcenten, scheiden we ermee uit.’

Na Nul en Nix kroop het bloed toch waar het niet gaan kan. Lukas miste de muziek. Bovendien had -ie nog genoeg muziek op de plank liggen. Liedjes van ‘vrouger’. Lukas besloot op zijn tachtigste solo te gaan. Onder zijn artiestennaam Lukas Solo treedt hij op in bejaardentehuizen, voor vrouwenverenigingen of op feestjes voor senioren. En het liefst niet op het podium, maar gezellig met z’n gitaartje tussen de mensen in. ‘Bij de clubs waar we kwamen was behoefte aan nostalgie, merkte ik. En daar had ik een heel programma voor liggen. Liedjes van vroeger, gedichten, sketches. Dat is wat ik nu doe. Vertel verhalen over vroeger. Vraag aan mensen of ze het herkennen. Chocoladesigaretjes, hartjes met spreuken, zoethout, snoepgoed van toen, daar zing ik een liedje over: het Snoepjeslied’. Een daverend applaus verwacht ik niet, ik let op handen en voeten. Dan weet ik dat mensen genieten.’

Toegegeven: als Lukas eenmaal op de praatstoel zit, ben je verloren. Word je meegezogen in zijn verhalen. De anekdote over zijn dikke opoe is er zo een. ‘Mijn opoe en opa woonden in Sebaldeburen. Niemand mocht in de voorkamer komen, dat was de pronkkamer. Alleen met verjaardagen mochten we in die kamer. Met heel veel kinderen zaten we op een rij tegen de muur. In die kamer stond een lamp. Daar trok opoe plaatjes voorlangs. Alle sprookjes kwamen voorbij. De ‘toverlanteern’ noemden we dat ding. In die kamer stond ook de bedstee. Opoe was 140 kilo. Om in bed te komen klom ze op een stoof en liet zich zo achterover vallen. Dan zie je de mensen denken: maar hoe komt ze daar weer uit? Dat deed ze met een beddenlichter. Mensen herkennen dat soort dingen van vroeger.’ De Toverlanteern is een van de liedjes op zijn onlangs uitgebrachte cd.

Lukas geniet met volle teugen van zijn carrière. Zijn vrouw Jantje wijkt nooit van zijn zijde. Ze regelt het geluid en verzorgt de koffie. Moet ook wel, een vrouw die achter je staat, anders werkt het niet, weet Lukas. Jantje weet niet beter. Haar man zat altijd in bandjes. En thuis gaat het altijd over ‘de muziek’. Ze vindt het wel gezellig. En bovendien levert het ook ieder jaar een leuk reisje Turkije op. ‘Ik vraag 150 euro voor een hele middag of avond. Of dat nu in Emmen of Leek is, dat maakt me niet uit. Ik hoef er niet van te leven. Ik zeg altijd: 25 euro voor de benzine, 25 euro zakegeld en 100 euro in de pot voor de vakantie. Van de muziek gaan we altijd naar Turkije, al 17 jaar lang. Dat is mooi, of niet dan? We treffen altijd dezelfde mensen, ze kennen ons allemaal daar.’

Lukas merkt dat liedjes van vroeger populair zijn. ‘Ook in deze tijd vallen mensen terug op liedjes van toen. Twee Motten was een liedje van Dorus, ik ben er nog eens bij geweest toen hij het zong in de bioscoop van Leek. Nu zingt Gerard Joling het. En natuurlijk Engelbewaarder, de monsterhit van Marco Schuitmaker. Die plaat is al heel oud. Speel ik ook’, glundert de muzikant. Dat laten we ons geen twee keer zeggen. Op zijn Spaanse gitaar speelt hij het wel bekende akkoordje. Achter de keukentafel zingt hij Engelbewaarder. Goed bij stem. Foutloos. Tachtig jaar. Ga d’r maar aan staan. Aan stoppen denkt hij nog lang niet. ‘Ik ga door tot er belangstelling is en zolang ik er lol in heb. Maar als mijn stem minder wordt, stop ik. Ik ga niet voor Jan Joker op het podium staan. Je moet wel enige kwaliteit hebben.’

Wie iets te vieren heeft, dol is op liedjes van ‘vrouger’ en zeker wil zijn van een geslaagde muzikale middag of avond, kan een mailtje sturen naar lukas.aalders@home.nl of bellen met 06-22794721. Engelbewaarder van Lukas solo is te beluisteren op de website en Facebookpagina van de Krant.

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding

UIT DE KRANT